zondag 1 september 2019

1 september 2019 Op herhaling en het offer moet worden gebracht.

De grootste van deze dag voor Roel
Doordat ik enige tijd niet kon gaan gidsen, is er veel tijd verstreken sinds Roel mij voor het laatst bezocht. Maar nu is dan weer zover en zitten we allereerst samen een bakkie te doen, alvorens naar onze bestemming te rijden.

Ondertussen is Roel gelukkig een paar keer mee geweest met collega Thom. Leuk voor hen en voor mij om te horen over zijn ervaringen in de omgeving van de Biesbosch. Dan ben ik toch blij dat het in deze omgeving een stuk rustiger is op het water.

Hoewel Roel graag naar het snel stromende water wilde, heb ik toch gekozen voor dezelfde bestemming als gisteren. Temeer daar ik weet dat dit ook één van zijn favoriete stekken is. Door de hitte van gisteren voelde ik me trouwens behoorlijk afgepeigerd, maar gelukkig pakte het heel goed uit.

Onderweg naar het water vielen ons de vele zilverreigers en de verzamelde ooievaars op. Altijd weer een teken in het seizoen. De jongen maken zich klaar voor hun eerste trek, samen met de ervaren ouders. Zonder gps op reis en precies weten hoe en waarheen. Dat is nog eens echt knap.

Het is bij de helling ongeveer net zo druk als gisteren, dat wil zeggen een stuk of vier trailers. De verwachting is dat de plotselinge verkoeling in het weer tot aanzienlijk minder drukte zal leiden wat de overige recreanten betreft. En dat blijkt aan het einde van de dag ook wel.

Dit ziet er niet best uit dus.
De talloze campers zijn gedecimeerd en de mensen die met hun snelle boten over het wateren stuiteren zijn amper verschenen. Ook geen mensen die heerlijk zonnen op de kanten en al het gedoe aanschouwen. Het zal overigens geen verband hebben met het tafereel dat we even later aanschouwen. Een gezonken boot tegen de oever onder het wakend oog van Rijkswaterstaat.

De eerste is binnen, een prachtig gave en gekleurde baars.
Wij gaan lekker slepen, want dit past het beste bij de fysieke mogelijkheden van Roel. Hij geniet hier echt van en kan bovendien lekker genieten van alles om ons heen. Het duurt even maar dan komen de eerste vissen binnen. Dus niet bezweken voor de plotselinge daling van de temperatuur van 30 naar 20 graden. Het gaat direct weer om snoeken en baarzen.







Ik mag er af en toe ook een vangen.

Roel vist aan de buitenkant, met dieplopende pluggen. Zelf heb ik een hengel in de oever meelopen en eentje in het schroefwater. In het begin maakt het niet uit, want op alle hengels wordt vis gevangen. Net als gisteren, niet veel maar toch telkens weer één. Uiteindelijk zou de teller, net als gisteren, op 24 komen te staan en eveneens 5 soorten.







Dan is er het moment dat ik een veerpontje moet laten voorgaan. Ik schakel de motor in zijn vrij en laat de boot uitdrijven. Wanneer ik de motor weer wil inschakelen, zie ik dat mijn hengel flink krom staat. Er hangt nota bene een snoek aan! Blijkbaar heeft hij de drijvende plug gegrepen toen deze naar de oppervlakte steeg. Omdat de vis niet goed gehaakt is, gaat deze verloren. Niet getreurd, want we komen voor het vissen en dit is weer zo'n moment dat je wordt verrast en dat laten we graag gebeuren.


Gewoon blijven vangen....... alhoewel??
Roel is vooral de man van de snoeken. Hij vangt er meerdere en ook mooie formaten. Wanneer er op enig moment meer aanbeten van het ondiepe komen, dring ik toch aan dat hij die hengel ter hand neemt. Dit is echter tegen Roel's principe. Hij vist eigenlijk altijd met één hengel en die houdt hij consequent in de hand. Toch laat hij zich deze keer overhalen.








Natuurlijk gebeurt er dan geruime tijd niets. Daarvoor vang ik nog een forse winde en een mooie roofblei. Maar nu wil het niet meer lukken en grijpt Roel weer terug naar zijn principe, welke direct wordt beloond met een fraaie baars. Zie je nu wel...............

Ook snoekbaars.
Ondertussen zijn er ook snoekbaarzen verschenen en hebben we twee dagen op rij vijf soorten vis. In de wetenschap dat vele vissers gerichter voor bepaalde soorten gaan, blijf ik volop genieten van die verrassingen. En de formaten zijn vandaag eveneens om blij van te worden.









Een stevige winde, die voor een stevig robbertje vechten zorgde.
Dan ineens zit Roel met zijn Timber Tiger echt vast. Dus vaar ik terug en leg de boot in de juiste positie. De lijn gaat in de kunstaasredder, maar wordt bij het sluiten precies doorgesneden. Dat is verschrikkelijk balen. Roel laat weten dat hij er in berust, maar is even vergeten dat ik ook mijn principes heb. Ik geef niet zomaar op.

Een leuke roofblei maakt het vijftal soorten compleet.
Met de kunstaasredder tast ik de bodem af en voel een paar keer wel even iets hangen. Dan komt de afgesneden lijn ineens boven en die weten we te pakken. Dan kan de kunstaasredder alsnog op zoek naar het obstakel waar de plug aan vast zit. Er komt een nylonkous naar boven, samen met de plug. Yes het is gelukt! Een kwestie van principes!







Roel snijdt met veel moeite de plug los uit de kous. Wanneer dit gelukt is, laat hij de kous los en jawel hoor................ deze neemt en passant even een andere plug mee naar beneden. Helaas kan ik deze niet meer terughalen en moest er blijkbaar echt een plug worden geofferd. Gelukkig niet de favoriete plug van Roel maar eentje die makkelijker kan worden vervangen.

De laatste vis van de dag.
Bij de laatste vis spreken we nog even de veerbaas ter plaatse, een bekende. Hij heeft meer berichten over goede vangsten gehoord. Overigens slechte resultaten op het Hollands Diep. Ik ben derhalve blij met mijn keuze en ervaar andermaal dat er eigenlijk altijd wel vis kan worden gevangen, maar soms ben je gewoon kansloos. Dan laat het wild zich niet zien, hoor ik jagers wel eens zeggen.

Wij zijn in ieder geval erg blij met deze dag, die ons weer veel heeft doen ervaren. Zo rijden we huiswaarts en nemen de pauze die Roel nodig heeft om uitgerust aan de thuisreis te beginnen. Het is de bedoeling dat we snel weer samen op stap gaan in de maand die doorgaans mooie resultaten oplevert.






zaterdag 31 augustus 2019

31 augustus 2019 Uitsluitend aandacht voor molens? Lijkt niet aan te raden.


Alweer zoveel variatie.
De afspraak stond al lang en dan weet je nooit wat de weer - en watergoden in petto hebben. Daarom kijken we kort van te voren hoe het er voor staat. Het zou een hele warme dag worden en dat betekent doorgaans weinig goeds. Temeer daar het de afgelopen tijd al erg warm was en de watertemperatuur dus ook erg hoog. Daar hadden een paar heftige, maar kortstondige buien niets aan veranderd.

Het idee was om relatief vroeg te starten en vroeg te stoppen, als ons vermoeden werd bewaarheid.  Relatief vroeg wil bij ons zeggen; rekening houdend met de aanrijtijd van JP. Ik was er toen al even en had de boot al te water gelaten. Toen JP al zijn spullen had ingeladen konden we direct vertrekken. Inmiddels is zijn uitrusting bijna vergelijkbaar met de mijne, want het visvirus is blijkbaar moeilijk te bestrijden.
Poseren in de ochtendzon met een fraaie snoek.

Zonder verwachtingen sleepten we het eerste kantje af en het bleef inderdaad stil. Helemaal in overeenstemming met onze gelaten houding. Self-fulfilling prophecy zullen we maar zeggen. Totdat onze gelaten houding werd gelogenstraft. De hengel aan de buitenkant ging krom en een mooie snoek ging de strijd aan. JP werd de winnaar en mocht in het prettige ochtendzonnetje met de vis poseren.

Dit mag je toch een forse baars noemen.
Zou er dan toch bijtgrage vis aanwezig zijn vandaag? Tien minuten later wisten we het zeker toen er een forse baars (45 cm) binnen werd gehaald. Nu waren we beiden wakker, want wat er de rest van de dag ook zou gebeuren, wij waren niet zonder vis.

Zo sleepten we nog een stuk door. Omdat we een bepaalde locatie voor ogen hadden, haalden we na enige tijd de hengels binnen en ging in volle vaart naar ons doel. Daar aangekomen gingen de hengels weer in de steunen en JP ging werpend aan de slag. En zo vingen we af en toe een snoek of een baars. Het was absoluut geen inwerpen en ophalen, maar het ging ook niet ineens over.

Het verveelt nooit.
Een visser op de oever merkten we tijdig op en we haalden onze hengels binnen om vervolgens met een boog om de uitstaande lijn heen te varen. Dit werd zichtbaar gewaardeerd. Enkele uren later kwamen we vanaf de andere kant en nu zagen we hem niet. Dit werd ons niet in dank afgenomen, want "we wisten toch dat hij daar zat!" Misschien moet ik een volgende keer bijhouden op welke plek vissers zitten of toch meer initiatief aan de oevervissers laten, zodat zijn ons tijdig waarschuwen? Ik ga toch voor het laatste, zeker als ze verscholen zitten achter struiken of riet.













We vaarden ook nog een zandafgraving binnen en zagen rond de zeven meter heel veel vis. Daarboven en daaronder vrijwel niet en dus gingen we verticalen en jiggen. Er kwam echter geen enkele respons, wat we ook probeerden. Daarom gingen we terug naar de stilstaande rivier. Gelukkig was er ondertussen meer wind, zodat de groene laag alg in de oever werd geblazen. Het water zag er direct een stuk gezonder en aantrekkelijker uit.

Op een stuk water waar de oever overduidelijk de aanwezigheid van bevers aantoonde, middels omver geknaagde bomen, kwam er ineens een geweldig tumult los en een grote plons werd gevolgd door een bellenspoor. Een bever dus. Ik had goede hoop de bever in de buurt in de oppervlakte te zien. Misschien konden we het dier dan filmen of fotograferen. Helaas liet het zich niet meer zien.

De baarzen bleven in de meerderheid vandaag
En hoewel JP voortdurend aan het werpen was, lukte het hem slechts één keer een mooie baars te strikken. Dit was best een vreugdevol moment, maar toch moesten we erkennen dat deze methode vandaag niet erg effectief was.









Wat we vandaag ook veel zagen, waren ijsvogels. We zagen ze regelmatig vliegen en dikwijls ook twee tegelijk. Wat een feest toch, al die verschillende dieren en vogels. Bovendien waren de dames veelal in badkleding gehuld en deden ze zich op de boten en op de oever tegoed aan de zon. Ze bleven door ons niet onopgemerkt. Op mijn suggestie dat JP eigenlijk alleen naar molens mocht kijken, liet hij weten dat ze dit thuis toch wel erg vreemd zouden vinden. Zoiets alsof hij een klap van de wiek zou hebben gehad.

Nu kwamen ook de snoekbaarzen los
Met langere en korte tussenpozen, bleven de vangsten komen. Uitsluitend snoeken en baarzen. Toch kwam er ineens een derde soort om de hoek kijken; een kleine snoekbaars. Deze werd later gevolgd door drie alsmaar groter wordende exemplaren. En zo werden er gaandeweg meer soorten gevangen, terwijl de baarzen en snoeken ook bleven bijten.





Het blijft een uitdaging.
Dan ineens komt er vanaf de diepe kant een hele zware beuk op alweer de Timber Tiger. Na enige tijd komt vanuit de diepte een zware vis in de oppervlakte. Het is een winde en de vierde soort die we vandaag vangen, naast de drie standaard roofvissen: snoek, baars en snoekbaars.

Die variatie blijft ons boeien. Bij iedere aanbeet vraag je je weer af, wat zal het deze keer zijn. Groot of klein vertaalt zich wel in de kromming van de hengel, maar de soort blijkt pas wanneer ze aan het mysterieuze water worden onttrokken. Dat maakt het vissen juist zo mythisch en zo realistisch; zoals het leven zich aan ons ontvouwt: onvoorspelbaar.










Dan missen we de roofblei nog en jawel hoor, ook deze wens wordt vervuld. Niet groot, maar wel degelijk roofblei, een belofte voor de toekomst. De Fat John heeft deze kleine felle rover tot de aanbeet verleid en hiermee staat het aantal soorten op vijf.

Het aantal gevangen vissen blijft  toenemen. We zijn de twintig al gepasseerd en verbazen ons echt over het resultaat. Wie had dit durven denken op zo'n warme dag, want het ondertussen zo'n dertig graden geworden. En met de stijging van de temperatuur stijgt ook het aantal snelle boten en jetski's. Dit maakt dat de ontspanning langzaam afneemt, met al die golfslag en herrie.









Wat we wel erg leuk vinden is het gebruik van een ponton met een oprijbaan voor vrachtwagens, zodat deze in een schip kunnen lossen. Nu ligt er geen schip en is het net een apenkooi. Op school was dit een gewild spel, met veel geklauter en variatie.

Het formaat nam toe.
Nu zijn het deze kids, in de leeftijd dat de meiden zich bewust worden van hun indruk op jongens, die vele capriolen uithalen. Samen van het hoogste punt springen en slingeren aan de touwen, etc.. Het is ouderwets lol maken, zonder vernielingen aan te richten. Gelet op alle overweldigende regelgeving van deze tijd, zal het wel niet geoorloofd zijn, maar tevens zo bevrijdend en spontaan: heerlijk!




Wij naderen ons eindpunt, zowel wat de trailerhelling, tijd als temperatuur betreft. JP vangt zijn grootste snoekbaars, nummer drie. Ongelofelijk dat het de hele dag maar doorgaat en dat een soort die 's morgens volledig afwezig leek, zich nu zo doet gelden.

De uitsmijter van deze dag.
En dat dit werkelijk zo is, blijkt als ik de laatste vis en grootste snoekbaars haak. Het feest is compleet met zo'n beauty. Wat er nog meer in het var vat zullen we nooit weten omdat de laatste aanbeten veel tumult in het water veroorzaakten, maar helaas niet konden worden verzilverd. En dat het mooi is geweest blijkt wel als JP vast raakt met de Timber Tiger. Ik vaar terug, maar krijg het signaal dat de lijn is gebroken. Het vereiste offer is gebracht!

Wij begrijpen dit signaal en zetten koers naar de helling. Echter niet voordat alles is opgeruimd, zodat we bij de helling hiermee niet nog eens lange tijd bezig moeten zijn. Het is mooi geweest, eigenlijk schitterend mooi. Dit hadden wij niet verwacht en we zijn geweldig blij met het onverwachte resultaat.

woensdag 28 augustus 2019

28 augustus 2019 Vissen als het jongetje van vroeger.

Ooit was ik hiermee op de tv: vis visie.
Reeds lang geleden was mij gevraagd om stuk een stuk privé-water karpers weg te vangen omdat ze het water te troebel maakten. Nu eindelijk kwam het ervan. Bij gelegenheid gooide ik wat voer in het water om de vissen te gewennen. Mais en tarwe had ik geweekt en gemengd met wat melasse, een oud recept. Althans voor mij.

















Giebel met bochel.
De  eerste keer dat ik ging, was het gelijk raak. Alleen wist ik nog niet precies wat ik gevangen had. Ik liet in ieder geval een grote zeelt en een brasem verhuizen en een karperachtige vis met een een bochel. Later zou blijken dat het om een giebel ging.





Jong en oud samen aan het vissen.

Omdat de familie ter plaatse ook onderdak biedt aan pleegkinderen, moesten deze natuurlijk ook deelnemen aan het spektakel. Voor mij betekende dit het tevoorschijn halen van twee vaste stokjes en lijntjes met dobbertjes. In eerste instantie visten we met brood, maar ik kocht al snel wat maden, omdat deze beter houden op de haak en lekker bewegelijk kunnen zijn.






Deze mogen echt verhuizen; brasems
Gelukkig kreeg ik de eerste ochtend nog geruime tijd de kans om op mijn gemak te vissen en wist zo dus drie soorten te vangen en bovendien van flink formaat. Toe kwam Quinten erbij en moest deze achtjarige flink worden bezig gehouden. Het was in het begin nog flink klungelen met de materialen die in voorgaande jaren niet waren gebruikt. Dat gold overigens ook voor karperhengels, die uit de mottenballen moesten komen. Dit had ik echter ruimschoots van te voren al gedaan.




Samen met een vast stokje en een dobbertje
Nu moest ik ter plekke kijken wat er nog geschikt en bruikbaar was. Met een klein hengeltje ging ik met Quinten aan de slag. Leren hoe er ingeworpen moest worden en een stukje brood/deeg op de haak moest worden gezet. Het leerde redelijk snel, hoewel de afstand tot het water een klein probleem vormde.

Een gehaakt visje viel er op de kant af, maar miste de opening van het leefnet, waarin de zeelt en gebochelde giebel verbleven. Een quick release dus. Helaas kwamen er geen andere visjes meer uit en moest ik ook de andere hengels in de gaten houden. Toch een leuke ochtend zo.










Een volgende ochtend verliep minder geruisloos. Met drie kids om me heen was het een druk gedoe. Er was één manneke bij die wel kon vissen en die liet ik geruime tijd op mijn hengels passen. Ondertussen was ik met Quinten en Didier bezig om ze de kunsten van het vissen bij te brengen. Nu werd er met maden gevist en dit pakte goed uit. Toch waren de vissen niet heel erg actief. Dat deerde de mannen niet want ze hadden het uitgebreid over games e.d..

Opmerkelijk was wel de angst van Didier voor vissen. Zodra er een het water uit kwam volgde er een kreet en vastpakken was al helemaal uit den boze. Van de ander hengels kwamen drie giebels in het leefnet terecht, in de hoop dat ze er zouden blijven. Bij het ophalen van het oude leefnet, bleek dit niet het geval. Op zich niet erg, want ze zouden toch terug zijn gegaan.

Bittervoorntjes die het kapotte leefnet ingezwommen waren.
Wat echter wel heel bijzonder was: er was een groep kleine visjes door het gat het net ingezwommen. Ik heb er met de telefoon (andere camera was vergeten) een paar onduidelijke plaatjes van gemaakt. Deze heb ik, samen met afbeeldingen van de giebels, voorgelegd aan Sportvisserij Nederland en zo werden mijn vermoedens bevestigd. Het ging om giebels en bittervoorntjes.





Wat een avontuur en wat een ontdekkingen. Nog nooit eerder was ik met deze vissen aanraking gekomen. En het werd me ook steeds duidelijker dat dit water een paradijsje is, waar je hooguit brasems uit zou moeten verwijderen, De goud - en graskarpers, zou ik mooi laten zitten als ze zich laten verleiden. Wat een bijkomend fenomeen was, betrof de ijsvogel die af en toe langs kwam vliegen.

Ook een forse zeelt voor Ome Gerrit
Een volgende ochtend kwam Ome Gerrit ook vissen. Hij had in jaren niet gevist en moest opnieuw leren aanslaan. Geleidelijk aan kwam dit weer op gang en zo ving hij een prachtige zeelt. Ondertussen was ik weer met Quinten in de weer, die ook regelmatig even bij ons kwam zitten. Het was gewoon gezellig met af en toe een vis. Ook nu weer veelal giebels. Ongelofelijk.




Allemaal giebels
Na het vissen liet ik consequent voer achter voor de volgende sessie. En dat dit werkte bleek wel.
De voorlopig laatste ochtend kwamen er vijf giebels te voorschijn. Drie aan de karperhengels  en twee aan het vaste stokje waarmee Quinten viste. Hij was bijzonder succesvol deze ochtend. Ik had ondertussen de tuigjes op orde en dit maakte het gereed maken een stuk eenvoudiger. Bovendien had ik een nieuw leefnet aangeschaft.

Vissen vast leren pakken, zonder bang te zijn.



In de emmer water verdwenen vandaag behalve ruisvoorn, blankvoorn en bleitjes ook een paar baarsjes en één groter exemplaar. Quinten was dus weer van de partij en werd steeds trotser. Toch moest zijn durf om een vis aan te pakken nog flink worden opgekrikt. Eerst volstond hij met het aaien van de gevangen vissen, maar nu daagde ik hem uit om de vissen met de hand vanuit de emmer inde sloot te laten vallen.

Ik liet hem met zijn handen een kommetje maken en ze zo te vangen in de emmer.  Uiteindelijk heeft hij hierin wel stappen kunnen zetten. Ook heeft hij geleerd hoe een made of een stukje mais aan de haak te bevestigen en zoals gezegd; hij ving twee giebels! Wat een gek idee als je zelf nu voor het eerst in je (gepensioneerde) leven giebels en bittervoorntjes in levenden lijve zien.






Het werden mooie dagen en gezellig ook. Ik had er wel enigszins tegen op gezien, maar die angst werd niet bewaarheid. Nu zijn de vakanties bijna voorbij en zal ik het dus eens wat rustiger aanpakken. Overigens een leuke afwisseling ten opzichte van het bootvissen en dan het gedoe met vaste hengels en dobbertjes. Je gaat je er weer jong bij voelen, met die jonge gastjes, die bovendien iedere ochtend met koekjes en koffie aan komen zetten. Zo houd ik het wel vol bij het vissen!