woensdag 4 maart 2020

4 maart 2020 Fantastisch en Hopeloos

Een kneiter van een snoekbaars, die in het water nog groter lijkt.
Het lijkt deze woensdag heel mooi weer te worden en omdat het bezoek aan de kapster en de mondhygiënisten geen obstakel meer vormen, kan ik geknipt en met een schoon gebit het water op. Deze keer niet alleen, maar in gezelschap van Willem. Die heeft nog vis tegoed na de laatste keer toen hij alleen mocht toekijken hoe ik vier vissen ving.

De voorgaande visdagen vielen voor hem eigenlijk heel succesvol uit en met dit mooie weer moest het wel een succes worden...... Omdat we luchtdruk e.d. buiten beschouwing lieten, was het mooie weer doorslaggevend en gingen we welgemoed op stap. Weliswaar voorafgegaan door een bakkie thee en wat bijkletsen thuis.

Aangekomen bij de helling bleek het water al weer flink gestegen ten opzichte van enkele dagen eerder. De steiger was nu weer onbereikbaar geworden en de wind was sterker dan verwacht. We moesten het er gewoon mee doen en improviserend voeren we even later weg.

In de passieve stand.
Aangekomen op de plek van bestemming gingen we goedgemutst aan de slag. De signalen duidden op de aanwezigheid van vis en dus moest het wel goed komen, dachten we! Maar het mooie weer, waar we volop van genoten, had de vissen blijkbaar in een passieve stand gezet. Er gebeurde helemaal niets!

Eindelijk eentje op het roze konijn!
De verschillende dieptes en shads, mochten vooralsnog niet baten om de vis over de streep te trekken.
We wisselden, tegen onze gewoonte in, wat vaker van shad. En zo mocht de het "Roze konijn" het gaan proberen. Een AA shad afkomstig van Henk Thielen wist mijn eerste vis binnen te brengen. En verbazingwekkend; helemaal geïnhaleerd. Er bleek dus toch iets mogelijk.

Daarna bleven al onze pogingen vruchteloos. Andere stekken en andere dieptes, uit de wind, in de wind, niets mocht helpen. We begaven ons richting het hard stromende water en de wind, want onze zonnige positie in de luwte was dan wel verwarmend, ons verlangen naar het vangen van vis, werd toch wel wat geweld aangedaan.

Voorlopig moesten we het hiermee doen.
Ondertussen verwenden we de inwendige mens en lieten ons verwennen door de zon, die veel warmte uit straalde. Toen kwam ons een collega tegemoet en wij waren uiteraard benieuwd naar zijn resultaat. Hij liet ons weten dat het "hopeloos" was. Slechts één kleine snoekbaars had hij weten te foppen en verder niets. Dan waren wij blijkbaar niet de enigen die hopeloos bezig waren.

Niet veel later besloot ik dat we lang genoeg hadden genoten van de luwte en de zon. Op naar meer wind en hard stromend water. Bij de eerste de beste stek stonden al twee vissers vanaf de oever te vissen. Dan maar verder, want wij waren wendbaarder dan zij. De volgende stek leverde twee aanbeten op, maar geen vis. In ieder geval zat er leven in de brouwerij en bovendien was de wind flink afgenomen.

Dan maar weer verder en toen maakte ik er een puinhoop van. De shad raakte vast tussen de stenen en daarom gingen we terug. Ik trok de shad los, maar hoe het kon weet ik nog steeds niet, de shad raakte ergens vast aan de boot. De Minn Kota misschien? Ik liet deze uit water komen en toen zagen we dat het niet daar was. Minn Kota weer terug en op het anker en de Honda omhoog en ja hoor, de lijn zat idioot om de staart gedraaid.

Eindelijk die dril waar we zo naar hadden uitgekeken.
Na enig geknutsel was alles weer los en konden we verder. We boden onze shads aan buiten de stroming rond een meter of vijf diepte. Gelet op het stijgende water, zouden ze hier moeten liggen. En toen kwam er bij mij een aanbeet door. Even viel het gewicht weg, gevolgd door een tik. Daarop sloeg ik vast en die zat! Er volgde een heftige dril, waarbij de slip regelmatig op de proef werd gesteld.

Zo eentje waar je van droomt.
Na geruime tijd kwam de vis omhoog en hanteerde Willem het grote schepnet om het kasteel dat omhoog was gekomen te landen. Wat een juweel zeg: "Fantastisch". Een hele dikke en hoge snoekbaars lag in het net in het water, terwijl ik de onthaakmat en de meetlat gereed legde. Daarna mocht de vis uit het water en bleek ze minder lang dan wij dachten. Evengoed een juweel van 82 centimeter.

Willem leefde zich uit met zijn camera en na talloze plaatjes legden we de vis terug in het net om bij te komen. Al snel wentelde ze zich op de buik en vervolgens keerde ik het net om. Even liet de vis haar dikke  buik nog zien en toen draaide ze zich om en met een flinke klap van de staart schoot ze de diepte weer in. Tjonge wat een bonus zeg.

Wij probeerden het ter plekke nog even en zagen ondertussen hoe zich vanuit het westen dreigende wolken onze kant op kwamen. Daarom voer ik door naar de volgende stek. Prachtig langs de stroomnaad boden we opnieuw onze aasjes aan. Tot twee keer toe wist Willem een vis kwijt te raken. het irriteerde hem duidelijk merkbaar en dat was begrijpelijk. Een hopeloze zaak leek het wel. Het zou toch niet weer met een blank eindigen deze keer.

Toch nog gelukt.
Gelukkig wist hij de volgende aanbeet wel te verzilveren en toen hadden we drie vissen op deze hopeloze dag. Hoewel we de dreiging van de wolken nog enige trotseerden, leverde het geen vis meer op. Ook niet op de allerlaatste stek. Toen we terug voeren naar de helling zagen we onze collega, die zich boven diep water bevond. Blijkbaar wilde hij van zijn hopeloze gevoel af en overschreed duidelijk de 10 meter grens. Iets waar ik toch moeite mee blijf hebben.

Wij gingen traileren en koesterden de vangst van het kasteel. Thuis dronken we nog wat en vervolgens vertrok Willem weer. Zijn trouwe viervoeter heette hem vast en zeker een warm welkom. En wij zullen het nog vaak over deze dag hebben, want het was wel weer een belevenis. Heerlijk als visdagen zo verschillend zijn en toch memorabel.