zaterdag 20 maart 2021

20 maart 2021 Eindelijk weer vis.

Een goed voorbeeld dat navolging verdient.

Het aantal keren dat Luus en ik tegenwoordig in één jaar samen op het water zitten, kun je eveneens op één hand tellen. Vroeger visten we iedere twee weken. Sinds ik ging gidsen, in 2011, werd dit één keer per maand. En nu als het ingepland kan worden. In die tien jaren is er ook zoveel gebeurd, dat het best bijzonder is dat deze dagen aanvoelen als vanouds.

Helemaal klopt dit niet, want alles gaat wel in een lagere versnelling. De jaren zijn gaan tellen en dit is best fijn. Er is meer ontspanning en tijd om herinneringen te delen. En die herinneringen stapelen zich alleen maar op. Herinneringen die veelal uniek zijn en niet langer gedeeld kunnen worden, wanneer er iemand wegvalt of uit beeld raakt. Dan raak je als het ware een stuk van jezelf kwijt. 

Nu kunnen we gelukkig nog steeds ervaringen toevoegen. Op ons gemak vertrekken we naar de ontmoetingsplek en rijden vandaar naar de helling. We houden, vanwege corona, meer afstand dan vroeger, maar dit doet niets af aan het plezier elkaar weer eens te vermaken. Veel handelingen en gewoontes worden als vanouds voortgezet.

Al snel zitten we op het water en vertrekken we naar onze bestemming. Daar waar de snoekbaarzen al op ons liggen te wachten! Alhoewel? De snelheid waarmee we ons naar die bestemming spoeden, is aangepast aan de handhaving van RWS. In verband met de rigoureuze regelzucht, die o.i. dikwijls volkomen misplaatst is, varen we, voor ons gevoel, provocatief langs het comfortabele fort van de bureaucratische handhavers.

Genieten als vanouds.

Aangekomen op onze bestemming gaan we direct aan de slag. Ondertussen wisselen we de laatste nieuwtjes. Bij beiden is wel weer het e.e.a. gebeurd of gerealiseerd, dat de moeite waard is om van elkaar te weten. Luus zijn persoonlijke situatie is immers onvoorstelbaar veranderd en verdriet heeft plaats kunnen maken voor nieuw geluk. Dit is niet zonder slag of stoot gelukt, maar heeft heel wat zweetdruppels gekost.

De vissen luisteren mogelijk mee en denken derhalve niet aan eten. Wij ervaren geen enkele aanbeet. Het zal toch niet weer! Een andere bekende visser maakt kenbaar ook niets te kunnen vangen. Gelukkig zien we hen even later toch een eerste vis landen. Er is dus nog hoop en bovendien duurt de dag nog lang. De zomertijd is in aantocht.

Niet veel later besluiten we het verderop te gaan zoeken. Onderweg hier naartoe laten we een paar pluggen meelopen. Niet dat we hier hoge verwachtingen van hebben, maar varen zonder te vissen, levert evenmin iets op. Aangekomen op een ander traject, gaan de shadjes weer de diepte in. We hebben hier direct meer vertrouwen in. En niet veel later slaat Luus vast op de eerste snoekbaars. Deze had er zoveel zin in dat het onthaken enige tijd in beslag neemt en we de vis direct retourneren.

Gelukkig blijft het niet de enige vis deze dag, zodat er toch nog plaatjes geschoten kunnen worden. Het is weer Luus die mij nog eens laat zien hoe het moet. Nu moet ik het nog evenaren en anders misschien met een bamboestok, dobbertje en deegje, terug naar de schoolbank. Gelukkig biedt Sportvisserij Nederland tegenwoordig vislessen aan en liggen daar voor mij mogelijkheden...........

Gelukkig toch niet verleerd

Nadat Luus het een derde keer heeft voorgedaan, weet ik ineens ook weer hoe het moet. Ook ik mag  vastslaan op een mooie aanbeet. Dit geeft een goed gevoel en nu ik de smaak te pakken heb, vang ik er drie op rij. Heerlijk hoor dat het eindelijk weer eens loopt. Daar heb je blijkbaar een ervaren rot en vismaat voor nodig. Bovendien zit er ook een fraai en imposant exemplaar tussen.

We lassen een lunchpauze in en herinneren ons de mok die bij het omspoelen in de golven verdween. Het oor van de mok had in mijn hand. Nu zouden we deze wellicht aan de huidige mokken kunnen lijmen, want deze zijn hun oortjes kwijt. Sommige herinneringen liggen zo dicht onder de oppervlakte, dat ze telkens weer opduiken. De mok die destijds verloren ging ligt echter ver buiten bereik. Ik herinner me niet eens meer waar het was.

Later vangen we beiden nog een snoekbaars en eindigen met 8 vissen. Een aantal waar twee bevriende vismaten een dag eerder ook bijna op zaten. Toch een teken dat er meer mogelijk wordt en daar waren we wel aan toe. Wij ruimen onze spullen op en varen terug. de andere visboten zijn ons blijkbaar al voor gegaan. We laten een mooie visdag achter ons. Het is inmiddels ook helemaal bewolkt geraakt. De zon die ons vanochtend verwelkomde heeft het nog niet een hel dag vol kunnen houden, maar heeft ons wel weer hoop en vertrouwen gegeven.

Bij de helling blijken de andere vissers inderdaad allemaal al te zijn vertrokken. Wij hebben het best lang vol gehouden en voegen een mooie herinnering toe aan al onze voorgaande avonturen. En het feit dat we beiden ook ervaringen hebben met andere vissers maakt de uitwisseling van ervaringen nog omvangrijker. Het vissen is voor ons dus een bindmiddel, dat zich niet laat verbreken door corona.