woensdag 14 augustus 2019

14 augustus 2019 Een kwestie van kosten en opbrengsten.

Plezier bij het vangen.
Vader en zoon komen twee dagen vissen, omdat zoonlief een enthousiast visser is. De witvis met feeder en dobber is echter niet meer uitdagend genoeg en daarom wil hij graag ervaring opdoen met het vissen op roofvis. Ik verwacht wel aan deze behoefte te kunnen voldoen. Hoe anders pakt het echter uit!

Ik ben mooi op tijd op de plek van bestemming en heb alles in gereedheid gebracht, Daarna zit enige tijd in de auto te wachten. Maar met  350 kilometer voor de boeg, mag je natuurlijk niet verwachten dat de gasten precies op tijd zijn. Dan komt de app met de vraag waar ze precies moeten zijn. Dit is snel geregeld en dan kunnen we het water op.

Eerst overhandig ik wel een tas met tijdschriften over roofvissen en andere documentatie aan Robin. Ook het zakmes, een ballpoint en dvd ontbreken niet. Kopieën voor het knopen van knopen heb ik ook alvast toegevoegd, zodat ze na afloop nog even kunnen nakijken hoe het ook alweer precies moet.

We starten bij een plek waar we kansrijk zijn op roofblei. Daar zet ik de mannen aan het werk en ga vader, Markus, eerst leren hoe een werphengel te hanteren. Op zich best leuk om mensen de basis beginselen aan te leren. Het werpen gaat dan ook steeds beter. Robin heeft het al min of meer onder de knie een gaat voortvarend te werk.

Nooit eerder een roofblei gevangen, dus een primeur.
Links en rechts jagen er roofbleien en dus zou het moeten lukken. Toch valt dit nog niet mee. Net als ik een spinner  in de speld heb gehangen, zie ik actie in het water en werp de spinner in die richting. Deze wordt prompt gegrepen en ik overhandig de hengel aan de jonge leerling.

Zo komt de eerste vis binnen. Niet groot meer wel een primeur. Helaas blijft het bij deze ene roofblei en derhalve gaan we slepen. Ik heb goede hoop met de stevige wind en wat regen. Echt snoekweer zou je denken. Toen wist ik nog niet dat er geen enkele snoek gevangen zou gaan worden, terwijl dit nu juist een targetvis is!













Het weer op zich is niet best en onweer dreigt. Daarom had ik voorgesteld een week later te gaan, maar dit bleek geen optie. Zo gebeurde het dat we op enig moment de boot hebben verlaten om beschutting te zoeken op de oever. Zodra de dreiging weg was gingen we weer te water.

Toch een baars.
We hebben verticaal vissen geoefend op stekken waar de dieptemeter aangaf dat er veel vis aanwezig was. Maar iedere respons bleef helaas uit. Ook het werpend vissen en jigging kon de vis niet verleiden tot aanbeten. Gelukkig haakten we bij het slepen een baars.










Het werd een taai gebeuren en met een verwachtingsvolle jongeling aan boord is dit natuurlijk niet leuk. Markus was echter nog het meest gefocust op resultaat. Een tweede bezoek aan de roofbleistek leverde hem een vals gehaakte brasem op. Hij liet Robin drillen, hoewel deze het aan zijn vader over wilde laten.

En spectaculaire dril leverde uiteindelijk niet de vis op die gewenst was. En hoewel we nog van alles hebben geprobeerd en we de klok even lieten voor wat die was, bleven we op vier vissen steken: baars, roofblei en een brasem! Als gids zie je het liever anders. Andere vissers wekten evenmin de indruk van goede vangsten.

De teleurstelling, m.n. bij Markus was duidelijk. Wel gaf hij te kennen te zien dat ik al het mogelijke deed om betere resultaten te bewerkstelligen. Dit waardeerde hij ook.  Hij was echter speciaal met zoon gekomen om hem een plezier te doen, terwijl hijzelf helemaal geen visser was. Respect hoor voor zo'n vader. Anderzijds werd ook duidelijk dat hij resultaten liever zelf in de hand heeft in plaats van het over te laten aan de natuur.

Eindelijk één die bleef hangen, tussen de lossers.
De tweede dag, die in een andere omgeving had gepland en waarbij ik zeker betere verwachtingen had, pakt zo nodig nog dramatischer uit. Slechts één vis kwam er binnen. Keiharde aanbeten, werden even plotseling omgezet in snelle lossers. Hengels die in de steun stonden konden niet eens ter hand worden genomen. Zo'n dag dus dat de vissen er niet echt voor gaan.

Ik liet Robin het eerste stuk van deze tocht varen, terwijl ik de hengels klaar maakte en uitzette. Aangekomen bij de sterk stromende rivier, nam ik het roer weer over. Die verantwoordelijkheid moet je immers zelf in de hand houden.













Ook nu deed ik er alles aan wat in mijn vermogen lag om de vangsten te doen stijgen. Markus was steeds drukker met zijn telefoon, terwijl Robin stug door ging en haast niet kon wachten op het positioneren van de boot als we gingen werpen. In die harde stroom en met een behoorlijke wind heeft het positioneren echter wel wat tijd nodig.

De meeste aanbeten kwamen nog op de verst gelegen stek, daar waar nauwelijks stroming was. Maar ook hier wilden de vissen niet echt blijven hangen. Ook een tweede poging langs dezelfde oevers bleek kansloos. Een andere boot, met een bekende aan boord, volgde hetzelfde traject als ik een was ook voortdurend aan het verkassen. Zij waren vooral werpend bezig, maar hun gedrag gaf geen aanleiding het overstappen op alleen die techniek.

Deze dag werd bovendien gekenmerkt door veel oponthoud. Behalve twee keer een lijn in de schroef, moest er meerdere keren met lijnen en molens worden geknutseld. Dit verlangde extra geduld, terwijl deze steeds minder werd. Kortom; deze twee dagen werden eigenlijk een desillusie, omdat de vangsten doorslaggevend bleken voor de totale beleving en direct gekoppeld werden aan de kosten.

Markus, geen visser dus, wilde eigenlijk meer roofvis voor zijn geld en dat kon ik niet leveren.
Tenslotte heet het niet voor niets "vissen" en geen "vangen". Helaas moet ik ze, ondanks de 22 uren die in die twee dagen waren gaan zitten en de vele kilometers met zowel auto als boot, teleurgesteld huiswaarts laten gaan.

Gelukkig leer je als gids ook te relativeren en denk je terug aan andere taaie dagen. Ook wel met vader en zoon en dan blijkt hen ook dat goede en slechte dagen elkaar afwisselen. De beleving is daarbij wel cruciaal en doorzetten vereist. Dat doe ik dus ook,  juist vanuit die gedachte en het besef dat ieder mens anders in elkaar steekt.