donderdag 5 maart 2015

28 februari 2015 Een prachtige dag, ondanks de geringe vangsten.

De harde wind blaast de boot in de oever.
Richard is al een avond langs geweest om kennis te maken en om een concreet plan te sneden. Dit is gelukt; we gaan de grote rivier op. De aanleiding ligt voor de hand. Richard vist sinds enige tijd, met veel succes overigens, vanaf de oever en wil nu het water op.


Ik heb de Tomasco al achter de Subaru hangen, als Richard de bewuste ochtend arriveert. De autoruiten waren nog bevroren en dus moest er eerst gekrabd, alvorens te kunnen vertrekken. Het is een kleine moeite zijn bagage over te laden en dan zijn we onderweg.

Aangekomen bij de helling zijn we zeker niet de eersten. Maar daar heb ik wel vrede mee, want het is nog erg fris. Dik in de kleren, varen we het eerste kribvak in. Daar wil ik Richard de beginselen van het verticaal vissen vanuit de boot bijbrengen.

Ik laat de shad zakken en voel nog voordat deze de bodem heeft bereikt iets dat op een aanbeet lijkt. Ik probeer de haak te zetten, maar haak geen vis. Dus gaat de shad opnieuw naar beneden en na één keer op tikken is het nu wel raak. De eerste snoekbaars van de dag is een feit.

Een dergelijke start roept bij mij doorgaans geen positieve gedachten op. Mijn herinneringen ook zo'n start, zijn doorgaans gekoppeld aan een moeilijk vervolg. En vandaag zou daarop helaas geen uitzondering blijken te zijn.

Na enige tijd wist Richard de tweede vis van de dag te haken. Geen harde aanbeet, maar zo'n hanger waarbij je in eerste instantie twijfelt of het wel om vis gaat. Gelukkig bleek dit het geval.








We visten stug door, maar de slechte voorbode hield stand. Er wilde geen vis meer bijten. Dus werd het tijd voor een lunch. In de luwte namen we het er even van. Ondertussen hielden we collega's in de gaten. Hier was evenmin enige activiteit en dit werd bevestigd in het antwoord op onze vraag hoe het jen verging.

Andere boten die heen en weer vlogen bevestigden het idee dat het wel erg taai moest zijn. Wat we ook aanrichten, welke diepte we ook bevisten, niets mocht baten.

Op enig moment staken we rivier over om toch nog even de windkant te proberen. Op een ondiep stuk zag ik Richard plotseling aanslaan. de lijn schoot hierdoor onder de beugel door, omdat ze geen slag had gemaakt. Of het nu hier door kwam of iets anders, we verloren de grote snoek helaas.



Geruime tijd verliep de dril naar wens. Ik wilde juist laten weten de boot met de wind mee te willen laten drijven, naar de vis toe. Dan hoefde Richard alleen maar lijn in te nemen om de vis op de plek te houden en kon ik de vis eenvoudig scheppen. Maar zover kwam het niet. De vis sloeg nog een paar keer met de kop en zakte vervolgens weg in zijn element. De shad had de vis weten kwijt te raken!

Wij zetten nog enige tijd door, maar het blijft bij de constatering van Richard dat het er onder water wel geheel anders uitziet als je vanaf de oever zou verwachten. Een goede manier om het water te leren lezen. Wat verraden de stromingen aan de oppervlakte over hetgeen daar beneden aanwezig is. Stijle taluds en ondiepe vlakten bij en tussen de kribben. Alleen de dieptemeter toont het precies.




De scholeksters hebben hun toevlucht gezocht op de verlaagde kribben en grote groepen wulpen scheren af en toe over de rivier. Het voorjaar is in aantocht, maar voorlopig blijven de vissen passief en wij dik ingepakt in afwachting van hogere temperaturen.

De wind speelt onze voorgangers nogal parten bij het traileren. Ik verwacht dat wij het er beter af gaan brengen, maar dit blijkt hoogmoed voor de val. Ondanks alle theorieën over het het sturen van de boot middels een extra touw, krijgen we do boot slechts moeizaam enigszins recht op de trailer en dan moeten alsnog de schouders er even onder.

Rozig rijden we huiswaarts, op naar betere tijden. Alhoewel we toch blij zijn dat we zijn gegaan en heerlijk hebben genoten van alles wat was.