dinsdag 10 maart 2015

7 maart 2015 We gaan op herhaling en constateren dat één graad temperatuurverschil bepalend kan zijn.

Eerst zou het eind maart worden, voordat we weer samen op stap zouden gaan, maar omdat dit niet door kon gaan, kwam plotseling de zaterdagmiddag om de hoek kijken. Ik werd gebeld toen de auto vanuit Duitsland richting Nederland vertrok. Kort daarna reed ik naar de afgesproken plaats, die ik voordien nog even in Google Maps had aangegeven. Toen de boot al in het water lag kwamen vader en zoon aangereden. Kort daarna waren we al onderweg en konden de vissen een greep doen naar het aangeboden kunstaas.


Het weer is schitterend en we zien al wat kleur komen in  verschillende bomen en struiken. Echt een goed moment om op het water te zitten. Maar de vissen hebben het voorjaar duidelijk nog niet te pakken. Wat we ook proberen, er komt geen enkele aanbeet.








Behalve dan de karperlijn die we oppikken. Een paar tentjes, achter mijn rug, worden bevolkt door een paar karperaars die hier al sinds gisteren zitten. Ook zij hebben nog niets vernomen, daar beneden. ik adviseer hen een volgende keer even te roepen, zodat wij onze lijnen binnen kunnen halen.

Op de terugweg besluiten we een doodlopend stuk water op te varen. Eerder had ik hier geen succes, maar iedere visdag is nu eenmaal anders. We zijn nog maar kort ondiep aan het slepen als jan-Philipp de eerste aanbeet krijgt. helaas laat de vis even later een grote kolk achter en is verdwenen. Jammer!







We gaan met nieuwe moed verder en warempel ineens komt er een snoek uit de kant en nu is het wel raak. Daar waar ik eerder niets kon vangen, werpend of slepend, het maakte allemaal niets uit, daar lukt het vandaag wel.  Mogelijk omdat het water hier (slechts) één graag warmer is dan op het grote water.

We gaan nu goed gemotiveerd verder en dan zie ik dat de hengel van Philipp een afwijkende beweging maakt. De volgende vis is een feit. Niet groot , maar wel welkom. Zoals gebruikelijk neemt Philipp eerst een handdoek om de vis aan te pakken. Bij het terugzetten gaat deze echter ook met de vis mee en hebben we dus nog iets anders te landen.







Even later til ik de drijfnatte doek uit het water, die de hele dag wel nat zal blijven. Want hoewel we volop genieten van de zon, is deze nog veel te zwak om deze droogklus aan te kunnen.

We weten ons nu helemaal zeker en zetten door op een volgende vis. Deze weet even later mijn oranje swimmbait te attaqueren.
Jan-Philipp doet de drill en even later kan de grootste vis van deze dag worden geschept.

De dikke buik duidt erop dat het paaien nog moet beginnen. Maar wij zijn reuze blij dat we op deze middag de plek hebben gevonden waar het vandaag mogelijk blijkt te zijn: het vangen van mooie vissen.









Behalve een droge tik op mijn plug gebeurt er verder niets meer, maar moeten we ook terug. De zon is al weer flink aan het zakken en de helling is niet in de buurt.

We slepen nog een stuk, maar dan moeten we echt vaart gaan maken. De hengels worden opgeborgen en de camera's ter hand genomen. Want de ondergaande zon, maakt het landschap sprookjesachtig mooi en die vangst laten we niet aan de lens voorbij gaan.



Het was maar een halve dag, maar wel dubbel en dwars de moeite waard, ondanks de lange reis die vader en zoon er voor over hadden.

De hazen, die een jaar eerder aan het boxen waren, hebben we helaas niet gezien. Daartegenover weer zoveel andere dingen, die de moeite waard waren.