zaterdag 17 maart 2018

14 maart 2018 Eindelijk weer eens samen op stap.

De moeite waard!
Hoewel we zondag al een afspraak hebben staan, kunnen we het niet laten gevolg te geven aan ons lentegevoel. Het mooie weer dwingt ons naar buiten. Achteraf zal blijken dat ik dit verslag maak op het moment dat de tweede afspraak was gemaakt. Reden?  De winter steekt opnieuw de kop op. Het kan ook te gek worden en dan haken we af. Nu dus, bij temperaturen rond het vriespunt met een gure koude oostenwind kracht 5 à 6. Heerlijk bij de kachel dan maar!

De laatste keer dat Roel, samen met zijn zoon, bij me in de boot zat was medio september 2017. Roel had veel vaker gewild, maar zijn gezondheid levert een voortdurende strijd met zijn grootste verlangen en dat is het vissen. Hij heeft ondertussen nog wel wat karpers belaagd in zijn directe woonomgeving, maar dan korte perioden.

Nu moet het er van komen en wel bij mij in de buurt, omdat ik ons hier het meest kansrijk acht. De wind zou uit het zuiden moeten komen en niet al te krachtig. Het liefst heb ik de wind meer uit westelijke richting, maar daar ga ik dus niet over. Gewoon anticiperen op hetgeen zich aandient.

Terwijl ik auto laad, komt Roel al voorrijden. Mooi op tijd en dat in het drukke verkeer en bovendien nog een stop onderweg. Hij heeft er zin in en is op tijd vertrokken. Ik zet de koffie aan en als alles gereed staat voor vertrek, gaan wij eerst aan de koffie en bijpraten natuurlijk.

Dan zijn we niet langer te houden en vertrekken naar de helling. Het verloopt allemaal soepel en niet veel later zitten we op het water. Er ligt ook al een boot langs de oever, de mensen staan in de mist vanaf de kant te werpen. Gelijk hebben ze, want de mist is nog niet opgetrokken. Ook wij doen het rustig aan en voordat we de rivier onveilig gaan maken, blijven we de toegang een beetje heen en weer kachelen langs het talud. Dit levert echter geen vis op.

Als de zon de kracht heeft gekregen om de laatste mist te verdrijven, gaan we snel verder naar ons stekkie. Daar aangekomen hebben we het rijk voor ons alleen. Al hoewel; niet veel later komen die Duitse gasten ook weer langs de oever. Ons blijkt gaande weg dat de vis dieper ligt dan enkele dagen geleden en dat is wel een extra handicap als je van de oever vist.

Op de steunhengel kwam een zwieper.
Ik zet naast de verticaalhengel een hengel in de steun. Deze houd ik in gaten wat de diepte betreft, door voortdurend wat lijn te geven of in te nemen. De handhengel is constant in de aanslag om iedere aanbeet te pareren. En dit lukt na enige tijd en de eerste snoekbaars is een feit.

Wij zoeken het hele gebied af en vangen links en rechts een vis, althans ikzelf. Bij Roel wil het nog niet zo lukken. Blijkbaar te lang uit de running geweest. Ook een baars komt even in de boot kijken.
De steunhengel deelt in de vreugde. Een mooie zwieper doet mij direct naar de hengel grijpen en dit levert een stevige snoekbaars op.






Wij genieten van het weer dat ons zo welkom leek. Maar gaandeweg trekt de wind wel aan en draait iets meer naar het oosten. Hiermee neemt ook de koude toe en kan ik de boot minder nauwkeurig positioneren. Dit neemt niet weg dat we doorzetten, want er komt toch af en toe weer een vis binnen.

We zijn getuige van het klepperen van de ooievaars op het nest en niet veel later van de paring. We hebben stiekem gekeken. Al hoewel, dat was niet nodig want de vogels maakten er geen geheim van. Ook niet voor een ander paartje dat rondvloog op zoek naar een ander nest. Dit duidt er toch echt op dat het voorjaar er aan zit te komen.

Raak!
Dan weet Roel ook vast te slaan op een stevige snoekbaars en maakt de vreugde een extra sprongetje. Temeer daar het echt een fraaie vis is. Zelf heb ik enkele kleine tikjes ook weten te verzilveren. Dit leverde een paar kleinere exemplaren op.


















Terwijl de vlaai is verorberd en wij langzaam naar het einde van de dag glijden, komt er nog een beuk op de steunhengel. Gek hoor! De ene dag vang je er niets op en nu twee mooie vissen. En zo komen we op negen vissen uit. Omdat het nu echt guur is, besluiten we nog even de stroming op te zoeken.







Het stroomt harder dan ik had verwacht. Dit blijkt later wel te kloppen, als ik de stroomsnelheden achteraf check. Wij zetten extra zware loodkoppen in en drijven met de stroom mee. Ook de diepere kuilen glijden onder de boot door. Maar het levert niets op. Evenmin het werpen over stroomnaden. En daarom besluiten we dat het mooi is geweest.

Thuis gekomen drinken we samen nog wat en dan begeeft Roel zich weer in het drukke verkeer. Gelukkig heeft hij een behouden thuisvaart en weet de foto's te waarderen. Nu maar hopen dat er zich voor 1 april nog een mogelijkheid aandient om de rovers te belagen.